Nieuws

29 juli 2021

Weer zilveren medaille voor Arno Kamminga, nu op 200m schoolslag

Arno Kamminga heeft ook op de 200 meter schoolslag een zilveren medaille behaald. In het Tokyo Aquatics Centre tikte hij aan in een tijd van 2.07,01. Zijn grote rivaal Izaac Stubblety-Cook was net als in de voorwedstrijden nog beter dan de Nederlander en verzekerde zich van het goud: 2.06,38.

"Die honderd was spannend, dat was de eerste keer", aldus Kamminga, die zelfverzekerd op jacht ging naar zijn tweede medaille. Maar wel in een sterk deelnemersveld. "Hier ga je met acht man in. En acht man kunnen hem winnen. “Geweldige race gezwommen, blij dat ik met zilver naar huis ga “

Kamminga ging voor de winst en zo was ook voorzien in zijn raceplan. In de race ging hij 180 meter aan de leiding, vooral opgejaagd door de naast hem liggende Matti Matsson uit Finland. Toen echter kwam de Australiër, die min of meer door Kamminga gelanceerd werd en hem met een onnavolgbare spurt passeerde. Kamminga moest nog alles geven met het verzuurde lijf om de 27-jarige Mattson (2.07.13) achter zich te houden.

“Ik ging natuurlijk volle bak en voor de winst natuurlijk”, reageerde een blije Kamminga. “Natuurlijk heb je in je achterhoofd dat Stubblety-Cook in de buurt is, maar de focus blijft op je eigen race. Ik heb drie keer meer geracet dan mijn tegenstanders, omdat ik ook de 100 meter heb gezwommen. En dan kan ik heel tevreden zijn met mijn tijd van 2:07.01 in de Olympische finale. Het was mijn tweede snelste tijd. Mijn snelste, 2:06.85 heb ik gezwommen in Rotterdam in een avondfinale en dat was allemaal minder zenuwslopen dan hier. De tv-beelden toonden de blijdschap van Kamminga en zijn felicitaties aan de winnaar en de bronzen medaille winnaar uit Finland. Op de vierde plaats eindigde wereldrecordhouder en Europees en Wereldkampioen Anton Chupkov. De Rus (persoonlijk en wereldrecord 2.06.12) kwam ook nog heel dichtbij met 2.07.24. In Rio won hij brons in 2.07.70. De beste vier tijden in Tokio waren sneller dan de winnende 2.07.43 van de Kazak Balandin vier jaar geleden. De uitslag na de eerste vier 5. Fink, VS 2:07.93 6. Wilby, GBR 2:08.19 7. Mura 2.08.42 5. Persoon, SWE 2:08.88.

Met haar snelste tijd sinds haar Nederlandse record in 2015 op de 100 meter vrije slag kwalificeerde Femke Heemskerk voor de finale van de 100 meter vrije slag, die vrijdag op het programma staat. De opluchting was groot toen haar tijd van 52.93 voldoende was voor haar eerste olympische finale sinds zij 12 jaar geleden voor het eerst met OS kennis maakte met de estafetteploeg. "Ik ga me 'de moeder genieten' straks." De plaatsing bij de laatste acht voelde voor Heemskerk al als een overwinning. "Ik kan wel janken, zo blij ben ik. Ik heb de laatste tijd veel progressie geboekt. Ik ben trots op mezelf." Twee maanden geleden behaalde zij in Boedapest voor het eerst EK-goud op meest prominente afstand in het wedstrijdzwemmen.

Twee van de drie snelste tijden in de halve eindstrijd kwamen op naam van een Australische. Emma McKeon tikte aan in 52.32 en bleef daarmee Siobhan Haughey uit Hongkong 0.08 seconde voor. Cate Campbell, al vaker favoriet en voormalig wereldrecordhoudster, kwalificeerde zich met 52.71.

Mannenfinale

Op de 100 meter vrije slag, het koningsnummer van het olympisch zwemtoernooi bij de mannen, ging het goud naar Caeleb Dressel. In een spel om honderdsten van seconden met de
Australiër titelverdediger Kyle Chalmers trok de Amerikaan aan het langste eind: 47.02 om 47.08. Het brons ging naar de Rus Kliment Kolesnikov (47.44). Op het onderdeel dat zowel tijdens Sydney 2000 als Athene 2004 een prooi werd voor Pieter van den Hoogenband verzekerde Dressel zich daarmee van het eerste individuele olympische goud uit zijn loopbaan. In Tokio pakte de 24-jarige zwemmer eerder met Team USA ook al de winst op de 4 x 100 vrij. Vijf jaar geleden, in Rio de Janeiro, behaalde hij twee gouden estafette medailles. Dressel komt in Japan nog in actie op de 50 vrij en 100 vlinder (.

De 4 x 200 vrij bij de vrouwen werd een prooi voor China. De Aziaten tikten aan in 7.40,33, een wereldrecord. De oude mondiale toptijd stond sinds de WK van 2019 met 7.41,50 op naam van Australië. Het zilver ging naar de Verenigde Staten, dat met 7.40,73 ook onder het voormalige wereldrecord dook. Australië (7.41,29) moest genoegen nemen met brons. Europa kwam er niet aan te pas.

Deel dit artikel