background image
 
*

Gelouterde Maarten Brzoskowski terug uit Australië: "How good is it!”

Door: Victor den Heijer   |   17/02/2017
Gelouterde Maarten Brzoskowski terug uit Australië:
Veel Rio-gangers namen afgelopen zomer na de Olympische Spelen een "break” van enkele weken of zelfs maanden om zich weer op te laden voor het nieuwe zwemseizoen. Maarten Brzoskowski was daar een uitzondering op. Hij vertrok half september naar het Australische Brisbane om daar ruim vier maanden te trainen onder Vince Raleigh. Vlak voordat hij naar Nederland terugkwam, Victor den Heijer met hem over zijn ervaringen van deze periode. 

Waarom ben je naar Australië gegaan? 
 "Voor mijn opleiding moest ik een minor doen buiten de opleiding. Ik heb toen met mijn coach Marcel Wouda overlegd wanneer ik dat zou doen. Marcel kwam toen met het idee om te kijken of ik mijn minor in het buitenland kon doen. Ik zwem namelijk al sinds mijn achtste in Eindhoven en het zou verfrissend kunnen werken als ik ook een keer "ergens anders” zou gaan kijken. Aangezien ik alleen Engels goed beheers, kwamen we er op uit dat het Amerika, Engeland of Australië zou gaan worden. Aangezien Marcel Jacco Verhaeren goed kent en deze goede contacten had in Australië, viel de keuze al snel op dat land.” 

"Het curriculum van mijn opleiding veranderde echter, waardoor de minor uit de opleiding werd gehaald. De plannen voor Australië waren toen al gemaakt, dus besloot ik om toch te gaan en me vooral te gaan richten op het zwemmen. Daar heb ik tot nu toe nog geen moment spijt van gehad.” 

Waarom specifiek Brisbane? 
"Jacco heeft gekeken welk trainingsprogramma het beste bij mij paste en daar kwamen twee programma’s uit Brisbane uit. Op zich is dat niet zo gek, want in Brisbane zijn er tientallen clubs en zwembaden, dus er is keuze genoeg hier. Uiteindelijk heb ik gekozen voor het programma bij de Chandler Swimming Club van coach Vince Raleigh, omdat ik bij hem de zekerheid kon krijgen dat het programma na de Spelen van Rio werd voortgezet. Deze zekerheid had ik niet bij Michael Bohl van de St. Peters Western Swimming Club. Hij kon in het voorjaar van 2016 nog niet zeggen of hij na Rio nog door zou gaan.” 

Hoe ziet het team eruit waar je mee traint? 

"Hier in Australië zitten alle zwemmers bij reguliere clubs, er is dus geen apart trainingscentrum zoals in Nederland. Ik zwem in een team met acht zwemmers. Het is een kleine, maar zeer sterke groep. De meeste zwemmers zijn een jaar of achttien en komen dus net kijken bij de senioren. Twee zwemmers zijn een paar jaar ouder en hebben net als ik ook meegedaan aan de Spelen in Rio. De meest succesvolle van hen was daar Jessica Ashwood. Zij werd zevende op de 400m vrije slag en vijf op de 800m vrije slag. Daarnaast won zij ook als seriezwemster zilver op d 4x200m vrije slag. De andere zwemmer, Jack McLoughlin, miste net de finale op de 1500m vrije slag. Wel zwom hij afgelopen seizoen 14.48 op de 1500m vrije slag, de zesde tijd op de wereldranglijst.” 

Wat zijn de specifieke verschillen tussen de trainingsaanpak daar en wat je in Nederland gewend bent? 
"Het ligt natuurlijk in de eerste plaats aan het team waar je in zwemt. Naast ons in het bad traint een sprintersgroep met Mitch Larkin en de zusjes Campbell. Hun programma is redelijk vergelijkbaar met wat we in Nederland doen. In onze groep is alles gericht op de langere afstanden waarbij we vaak starttijden moeten halen. Die starttijden zijn erg scherp waardoor je flink moet doorzwemmen. Zo zwemmen we bijvoorbeeld zeshonderd meter op een starttijd van zeven minuten. Gemiddeld is dat dus 1.10 per honderd meter en dat is best pittig als je dat drie kilometer lang moet volhouden. Zulke trainingen zijn dan nog redelijk normaal, maar het kan nog heftiger. Vanochtend hadden we een time trial van twee kilometer, waarbij we dus twee kilometer non-stop zo hard mogelijk moesten zwemmen. Dat soort dingen doen we in Nederland niet. " 

"We trainen met onze groep veel aeroob, waarbij de trainingen allemaal minimaal zes tot zeven kilometer zijn. Alle zwemmers zwemmen deze trainingen en iedereen zwemt dit ook hard. Als we in Nederland een training van die omvang zwemmen, dan is het tempo redelijk rustig om meters te maken, maar hier is het zeven kilometer beuken. Volgens mij zijn er weinig Nederlandse zwemmers die duursets kunnen zwemmen zoals ze hier doen."    

Er staat ook een kort filmpje van Maarten Brzoskowski in Australië online. Levende beelden die dit interview ondersteunen.
    

Merk je dat je beter wordt door dat soort sets? 
"Ja, ik merk zeker dat ik beter word, vooral in mijn armslag. Mijn sterke punt was altijd mijn beenslag, maar doordat ik veel armensets zwem, zijn ook mijn armen een stuk beter geworden. " 

"In Eindhoven train ik vooral op kwaliteit. Daar wordt meer gesprint en wordt er ook meer aan techniek en skills als starten en keren gedaan. Hier in Brisbane doen we dat wat minder, de focus ligt vooral op hard trainen. Ik denk dat dat voor nu heel goed is, maar ik kijk er naar uit als ik in Eindhoven weer meer op kwaliteit ga trainen. Ik wil namelijk ook een goede tweehonderd meter kunnen zwemmen. Als ik het hele jaar door op de manier zou trainen zoals ik in Brisbane doe, dan weet ik niet of ik nog progressie kan boeken op die afstand. Voor mijn vierhonderd meter is het wel heel goed geweest dat ik hier heb getraind. " 

"Michael Phelps zei ooit: tijdens trainingen zet je geld op je rekening dat je er tijdens wedstrijden weer van af kan halen. Ik denk dat ik nu ook echt veel geld op mijn rekening heb gezet. Tijdens de kerstdagen heb ik drie dagen vrij gehad en tijdens oud & nieuw heb ik gewoon doorgetraind. Ik denk dus dat ik heel fit in Nederland zal terugkomen.” 

Wat kunnen ze in Australië van de Nederlandse zwemmers leren? 
"Het ligt er natuurlijk aan waar je op focust. Zoals ik al zei, zwemmen we hier vooral lange stukken op hoog tempo. Techniek en skills doen we wat minder aan. In Nederland doen we elke ochtend landtraining. Hier in Brisbane doen we één keer per week met de fysio landtraining en voor de rest van de week stretcht ieder voor zich waarbij er veel minder begeleiding is. Voor de krachttraining is de begeleiding wel vergelijkbaar met die in Nederland. " 

"Andersom kan Nederland veel leren van de Australische zwemmentaliteit. Zwemmen is in Australië een veel grotere sport. Elke school heeft hier een 50 meter-bad met twee keer een uur zwemles per week voor de leerlingen. De zwemmers zijn hier ook veel meer gewend. De ochtendtrainingen starten hier voor sommige teams om vijf uur. Wij mogen nog redelijk "uitslapen” en starten dan om kwart voor zes. Als ik het bad binnenkom, dan zie ik de jeugdteams al volop trainen waarbij de zwemmers flink door beuken. Ik denk dat door dat schoolzwem systeem er veel kinderen aan wedstrijdzwemmen doen en dat ze daardoor ook veel harder kunnen trainen. De beste zwemmers komen daar toch wel doorheen. In Nederland zijn we wat voorzichtiger, omdat we veel minder mensen hebben die zwemmen. Doordat we voorzichtiger trainen, hebben we ook veel meer zwemmers die goed zijn op vijftig en honderd meter.” 

Je hebt in december meegedaan aan de WK kortebaan. Heb je daarnaast nog wedstrijden gezwommen in de tijd dat je in Australië trainde? 
"Ik heb meegedaan aan de Australische korte baankampioenschappen die tegelijkertijd met de ONK korte baan in Hoofddorp werden gehouden. Toch was het een tweedaagse regiowedstrijd van afgelopen oktober me het meest bijgebleven. Het was weliswaar een regionale wedstrijd, maar met mijn PR op de 400m vrije slag stond ik als vierde ingeschreven. Alleen al op dat nummer deden er ruim honderdvijftig zwemmers mee, echt ongelofelijk! Om in de snelste serie te zwemmen moest je 3.55 zwemmen!” 

"Op zich is dat allemaal ook niet zo gek, want ik zit in Brisbane dan ook wat zwemmen betreft in de sterkste regio van het land. We zitten hier voor Australische begrippen vlakbij Gold Coast en in die stad heb je ook tientallen sterke teams. Jacco Verhaeren vertelde me verder dat het hier redelijk normaal is dat bij schoolkampioenschappen er standaard een aantal jeugdzwemmers onder de vier minuten zwemmen op de 400m vrije slag.” 

Wat is tijdens jouw verblijf het belangrijkste geweest dat je hebt geleerd? 
"In Nederland staan we er om bekend dat we lekker kunnen zeuren over van alles. In Australië vind ik de mensen veel relaxter en net even wat meer van het leven genieten. Mensen zeuren niet zoveel en laten elkaar veel meer in hun waarde. Als je samen met elkaar optrekt, dan wordt er ook constant gezegd: "How good is it!” en dat zorgt voor een hele fijne en positieve sfeer. Als ik weer terug ben in Nederland en ik hoor mensen dan weer zeuren, dan bedenk ik dat het ook anders kan.” 

Deze foto mocht natuurlijk niet ontbreken

Hoe ziet jouw seizoen er verder uit nadat je bent teruggekomen? 
"Ik moet mij nog kwalificeren voor de WK in Boedapest. Dat wil ik in april gaan doen tijdens de Swimcup in Eindhoven. Ik moet de precieze planning nog met Marcel bespreken, maar dat is het voornaamste doel. Daarna is het doorpakken richting de WK en dan in Boedapest proberen iets moois te gaan laten zien.” 

 "Verder ben ik gaan samenwonen met mijn vriendin Marjolein en ga ik de komende tijd gebruiken om te "settelen” daar. Ook begint mijn studie weer. Enkele dagen nadat ik terugkom, moet ik alweer naar school. Daar heb ik iets minder zin in, maar dat hoort er uiteraard gewoon bij.” 

 "Er is één ding waar ik wel erg naar uitkijk: fietsen! Hier in Australië zijn de afstanden zo groot dat je voor alles de auto moet pakken. In Nederland kan ik gelukkig weer de fiets pakken als ik naar het zwembad moet.”

Maarten met zijn met zijn "gastouders"


Reacties:

  • Nog geen reacties aanwezig.

U dient ingelogd te zijn om een reactie te kunnen plaatsen.



Gerelateerde berichten:

  • Geen gerelateerde berichten.