background image
 
*

Workshop Landtraining door Martin Truijens

23/07/2015
Workshop Landtraining door Martin Truijens

Zwemcoach en bewegingswetenschapper Martin Truijens gaf tijdens het KNZB-congres op 20 juni een workshop over landtraining. Daarbij besteedde hij aandacht aan een viertal onderdelen: mobiliteit, stabiliteit, flexibiliteit en functionele kracht.


Bij het eerste onderdeel, mobiliteit, gaat het om een zo groot mogelijk bewegingsbereik. Daarbij speelt spierspanning een grote rol. Het tweede onderdeel is stabiliteit. Het is namelijk mooi als je een groot bewegingsbereik hebt, maar als je niet in staat bent om dat te stabiliseren, wordt het lastig om de krachten de goede kant uit te duwen. Het derde onderdeel is flexibiliteit. Daar waar mobiliteit zich richt op het gewricht zelf, is flexibiliteit puur gericht op het spier- en peesweefsel. Het vierde en laatste onderdeel tenslotte is functionele kracht. "Bij het zwemmen gaat het erom dat je veel water verzamelt om tegen af te zetten en veel water kunt ontwijken om er niet tegenaan te botsen. Je wilt dus zo min mogelijk weerstand en zoveel mogelijk water verplaatsen”, aldus Truijens.

Landtraining

Unieke combinatie

Het is deze unieke combinatie, die je alleen bij zwemmen tegenkomt, die zwemmen voor de bewegingswetenschapper Truijens zo fascinerend maakt. "Bij het zwemmen gaat het er namelijk om om de romp te stabiliseren met tegelijkertijd een volledige range of motion in de ledematen. Bij de borst- en de rugcrawl zit de uitdaging daarbij vooral in de rotatie van de lichaamsas. De lichaamsas moet zo lang mogelijk worden gemaakt, want bij een lichaam geldt hetzelfde principe als bij boten: hoe langer en uitgestrekter, hoe minder weerstand.”

Bij de vlinderslag en bij de schoolslag is dit volgens Truijens minder belangrijk, omdat de benen daar een andere rol spelen. "Bij schoolslag is er een intrekkende beweging van de benen, die het lichaam even kleiner maakt. Het is van belang dat die fase zo kort mogelijk duurt, deze fase is namelijk weerstandverhogend. De as moet vervolgens zo lang mogelijk gemaakt worden op het moment dat de armen naar voren gestrekt worden.” Bij vlinderslag gaat het om het moment dat de push van de handen plaatsvindt. "Het mantra dat ik daarbij hanteer is strekken, duwen, sluiten.”

Deze twee principes – lang en smal in verband met het beperken van de weerstand en het flexibel om de as draaien in combinatie met het stabiliseren van de romp – vormen de basis van wat eerst in landtraining wordt geoefend om vervolgens onder lastigere omstandigheden in het water in praktijk te worden gebracht. Een juiste combinatie van landtrainingen en watertrainingen zorgt er vervolgens voor dat sporters beter, sneller en minder blessuregevoelig worden.

In een keer uitvoeren

Truijens liet de deelnemers aan de workshop op een mat verschillende oefeningen doen met daarbij aandacht voor alle vier de onderdelen. Hij begon daarbij met één ledemaat en bouwde dit vervolgens uit, omdat bij zwemslagen vaak alle ledematen tegelijkertijd gebruikt moeten worden. Truijens had veel aandacht aan het in een keer uitvoeren van de beweging. "Als je lichaam daarbij door het goed stabiliseren van je romp als een houten plank voelt en toont, buigt het lichaam niet door”, aldus Truijens.

Hij wees de deelnemers er ook op dat het uitvoeren van dezelfde stabiliteitsoefeningen in het water veel moeilijker is, omdat dat water alle kanten op gaat. "Daarom gebruik ik zaken als medicijnballen om zo de moeilijkheidsgraad van oefeningen te verhogen.”

Voorkeurskant

Tijdens de oefeningen kwam ook duidelijk naar voren dat iedereen een voorkeurskant heeft. De een is beter met links, de ander met rechts. "Bij vrijwel niemand is dit aan beide kanten even goed.” Ditzelfde geldt ook voor zwemmers: "Zij hebben vaak een voorkeurskant om te ademen en vaak leidt dat ertoe dat de andere kant wegzakt. Door de juiste stabiliteitsoefeningen bij de landtraining kun je het evenwicht zoveel mogelijk herstellen en voorkomen dat een kant wordt overbelast en dat de zwemmer aan het eind van de week bij de fysiotherapeut belandt.”

De principes die Truijens tijdens het eerste deel van de workshop in de sporthal aan de deelnemers had uitgelegd, konden ze later die dag tijdens een sessie in het water toepassen. Daarbij wees Truijens hen nog wel op een belangrijk verschil: "Tijdens de landtraining kun je voortdurend met je sporter communiceren. Als ze eenmaal in het water liggen en hun banen zwemmen is dat een stuk lastiger. Het is dus goed om ze tijdens de landtraining zoveel mogelijk mee te geven.”

Verdieping in Sportgericht

In deel 8 van zijn serie ‘On a mission with a vision; van wetenschappelijke theorie naar een praktische trainingsvisie’ in het blad Sportgericht (nr. 6, 2013 - zie www.sport-gericht.nl) gaat Martin Truijens samen met fysiotherapeut Jan Herber nader in op – ondermeer – de vier onderdelen, die hij bij de workshop benoemde. Zo noemt hij per onderdeel de definitie en de doelstelling.

Mobiliteit:

Definitie: de mate waarin gewrichtsstructuren de ruimte hebben om een bewegingsuitslag mogelijk te maken.

Doel: in het zwemmen met name gericht op de wervelkolom, omdat de meeste perifere gewrichten bij zwemmers voldoende mobiel zijn.

Stabiliteit:

Definitie: een goede krachtoverbrenging van romp naar ledenmaten en omgekeerd.

Doel: verbetering van de ontwikkeling en samenwerking van de spieren, bot- en bindweefselstructuren in de romp om zo een bepaalde gewrichtspositie te behouden en/of de beweging rondom het gewicht te controleren.

Flexibiliteit:

Definitie: de mate waarin het geheel van structuren betrokken bij een beweging een bepaalde bewegingsuitslag mogelijk maakt.

Doel: behouden en/of vergroten van de bewegingsuitslag

Functionele kracht:

Definitie: het vermogen van de spieren om kracht te leveren om te bewegen e/of een houding te handhaven.

Doel: gericht op de ontwikkeling van functionele en specifieke spierkracht.
Rubriek: Keerpunt


Word lid

Word lid van Keerpunt!

Handboek marketing voor sportverenigingen

5 pijlers om jouw club effectief in de markt te zetten

Leden- en sponsorwerving kost vaak veel tijd van vrijwilligers en lang niet alle acties leveren het gewenste resultaat op. Met dit marketinghandboek helpt auteur Danny Rijnhout vrijwilligers anders naar leden- en sponsorwerving te kijken en biedt hij praktische tips die direct toepasbaar zijn. En niet onbelangrijk: het lezen van dit boek kost maar één vrije avond!


Adverteren

Interesse om te adverteren in Keerpunt? Klik hier voor meer informatie.